De samenleving waarin we leven is complex. Dat geldt niet alleen voor ons persoonlijke leven. Politieke, sociale en technologische ontwikkelingen, zowel positief als negatief, kunnen een behoorlijke impact hebben op je stemming. Het internet bijvoorbeeld heeft de wereld heel klein gemaakt. Waarschijnlijk gebeurde er vroeger vergelijkbare dingen om ons heen, alleen wist je het niet, of in ieder geval niet in alle details zoals je die vandaag de dag ziet. Dat geldt ook voor ondernemingen: snelle veranderingen in markten, wetgeving en technologieën en meer en meer verantwoordelijkheidsbesef om naar duurzame manieren van produceren over te stappen vereisen snelle veranderingen en het slim omgaan met de installaties (in jargon ook wel assets genoemd).

Het slim omgaan met assets is niet nieuw. Het wordt alleen steeds beter. Sinds de jaren ‘70 zijn de inzichten in faalmechanismen drastisch veranderd (zie: better to be safe than sorry ). Dat heeft geresulteerd in een veranderende kijk op het onderhouden van deze assets. Waar in het verleden een verschuiving optrad van het repareren als iets kapot ging (breakdown maintenance) naar het vervangen van iets voordat het kapotging (preventive maintenance), maakt de exponentiele groei van technologie het steeds beter mogelijk om te voorspellen wanneer onderhoud gepleegd moet worden (predictive maintenance). Zoals Google kan voorspellen wanneer er een griepepidemie komt, door grote hoeveelheden data op een slimme manier te interpreteren. En ook in mijn auto is deze technologie ver ontwikkeld. In mijn display staat aangegeven na hoeveel kilometer ik voor onderhoud naar de garage moet, bijvoorbeeld voor de controle van de remmen. Soms blijft dit getal een lange tijd constant, terwijl ik er toch mee rijd. Dat komt omdat continu wordt gemeten en berekend wat de slijtage of veroudering van een onderdeel is, afhankelijk van je rijstijl. Stel je voor wat het oplevert als een fabriek langer kan doordraaien omdat er geen reden is om op dat moment onderhoud te doen: goud!

Alles op één plek

Maar goed, onderhoud doe je pas als je iets gebouwd heb. Het begint met een idee. Een idee op papier dat omgezet moet worden in beton en staal. Daarvoor hebben we ingenieurs, engineers, die deze vertaling maken. In de procesindustrie begint dit met een processchema, dat steeds verder en gedetailleerder wordt uitgewerkt totdat er tekeningen uitkomen waarmee de fabriek daadwerkelijk gebouwd kan worden. Nadat de fabriek gebouwd is wordt er een waslijst aan documenten overgedragen aan de klant en daar blijft het vaak bij.

Ik geloof dat de huidige technologische ontwikkelingen ons in staat stellen om dit proces te optimaliseren. Dat de ontwikkeling van een fabriek niet stopt bij de oplevering, maar doorloopt in de operationele- en onderhoudsfase. Uiteindelijk loopt dit zelfs door tot het uitbedrijf nemen (decommissioning) en ontmantelen van de fabriek nadat de levensduur is verstreken. Ik geloof dat de huidige engineeringsoftware inmiddels dusdanig ver is ontwikkeld dat deze de engineers kan helpen om de totale levenscyclus (total lifecycle management) te faciliteren. Belangrijk daarbij is dat de engineeringdata op één plaats bewaard en gebruikt wordt. Een pomp (een object) die op een schema staat moet alle gegevens van die pomp op één plaats bewaren: in de engineering database. Logisch zou je zeggen, maar op de conventionele manier worden de gegevens van de pomp en de tekeningen los van elkaar gemaakt. Met 1 pomp lukt dat nog wel, maar een chemische fabriek die gemakkelijk 10.000 assets bevat wordt dat al een stuk lastiger (en uit de praktijk blijkt vrijwel onmogelijk). Vlak na de oplevering van een project klopt dit meestal nog wel redelijk maar tijdens de productiefase wordt het een serieuze uitdaging om dit up-to-date te houden. De toekomst van asset management zit in object georiënteerde engineering. Want daar zit de crux: de engineering data is ook in de productie- en onderhoudsfase nog steeds op één plaats te vinden, in de object georiënteerde database. Dus onze pomp die vanaf het prille begin in de engineeringfase is ontstaan bevat nog steeds dezelfde data als in de onderhoudsfase. Aanpassingen aan de data door onderhoud gebeuren dan ook op die plaats en zijn alleen daar te vinden. Het is uitgesloten dat de verkeerde revisie van de tekening voor het onderhoud wordt gebruikt, want er is maar één versie: de echte situatie.

Dat geldt ook voor systemen in de procesveiligheid

Hetzelfde, of eigenlijk nog sterker, geldt voor de procesveiligheid. Om een veilige en betrouwbare installatie te hebben, en te houden, moet de data die betrekking heeft op de veiligheidssystemen na de ontwerpfase vanuit één unieke locatie beschikbaar zijn. Daarna kan deze data gebruikt worden in de cyclische testfase van de systemen en kan heel duidelijk worden aangetoond dat de tests op tijd en op de juiste manier zijn uitgevoerd: total safety lifecycle management. Ook hierbij zullen de laatste ontwikkelingen op softwaregebied dit proces drastisch verbeteren en van een complexe situatie een zachtgekookt eitje maken.

De volgende keer meer over het hoe en waarom van total (safety)life cycle management. Stay tuned…

Leuk artikel? Help me dan om het artikel te verspreiden door op een of meerdere van de social media knoppen hieronder te drukken.

Hoe denk jij hierover? Geloof jij ook dat het onderhoud niet meer los van het procesontwerp gezien kan worden? Welke ontwikkelingen zie jij op dat gebied? Schrijf je mening hieronder op en laat anderen hiervan leren.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *